Wit, Rood en Zwart

Het gaat hard! De derde klas is aangemaakt in de google group van Arquetopia. Deze is de klas van Anette Rodriguez, die maandag, woensdag en vrijdag seminars verzorgt. Steeds drie uur. We zijn dan in de vierde week van het programma.

Door de week hebben we een vol programma. Behalve interessante seminars participeren we ook in workshops. Tot en met de vierde week zijn deze workshops gericht op druktechnieken. Voor mij een andere meditatieve vorm van bezig zijn. Mijn weekend en de avonden besteed ik vooral aan lezen. Af en toe doe ik iets anders: aan een schilderij werken, of tekeningen maken op de achterkant van visitekaartjes die ik niet meer gebruik. Zodra ik ervoor voel, schrijf ik in mijn blog.

Indrukken ‘print making’ klas.

Wat ik nu aan het lezen ben, gaat over de kracht van kleur. Lees gerust als magie, en lichaam met historisch gewicht. Deze reading is minder uitdagend dan eerdere, maar niet minder interessant. In het Engels. Goed! Met google lukt het om in de materie te zijn. Bij de readings die voor mijn gevoel nogal academisch zijn, vraag ik me af in welke mate ik me hierdoor wil laten beïnvloeden. Het besluit is om mij erin te laten gaan. Een periode van hard werken dus: in de groep, en door mezelf weer uit te kleden voor mezelf. Wel anders nu.

Collega’s in de klas.

Het vorige stuk van mijn ‘AISA AYA’ blog – ‘in een glazen pot’ – brengt interactie teweeg tussen een vriend en ik. Het leidt ertoe dat ik een opdracht krijg. Naar aanleiding van het leidmotief in het stuk, maakt hij een hypothese die me even wurgt. Ik blijf gelukkig niet lang benauwd ervan. Behalve dat de hypothese een terugkomende eye-opener is, blijkt het een gouden munt. Er is verband met mijn gevoelens en gedachten van dit proces. Zijn stelling is ‘je creeert of construeert met je hersenen en vormt zo je eigen beperkingen en gevangenis’. Het eerste dat mij te binnen schiet hierna is de opdracht van mijn begeleider: het hoofd gebruiken voor het voelen en het hart om na te denken. Het tweede is zijn conclusie: ‘There is never a process without thinking.

‘These colors are alive’, lees ik in een reading van Annette over zwart, wit en rood. Ik laat de zin tot me doordringen. Daarna zie ik mijn zelfportret weer voor me. Het was rood, maar ik heb het over grootste deel van dat rood weg geschilderd. Zwart komt daarvoor in de plaats. Zo ben ik meer tevreden. ‘Sluit ik met het zwart iets op dat mij kan leiden om vanuit mijn gedachtenloze ziel te scheppen?’ Dat vraag ik me af. ‘Ben ik bang voor rood?’ In gedachten wordt ik meegenomen naar opmerkingen en vragen van die ander over het portret: ‘Het was jou, dan weer dood. Een masker en zorgelijke energie.’ Zijn boodschap, dat de kunst me nooit zal bevrijden, is me duidelijk. Mij bevrijden is zijn opdracht aan mij. Ik denk weer aan dat rood van mijn portret.

Ontwikkeling van het zelfportret.

Als een Keltische legende, die van de doornvogels. Net zo wil ik mezelf mijn leven lang al hangen aan het kruis. Intussen begrijp ik dat het kruis ook staat voor seksuele gemeenschap, kortom: continuüm, universele creativiteit. ‘Misschien iets dat hoger is dan de geest kan bevatten of dan je kan vliegen’, zoals mijn vriend het zich afvraagt. Hij gebruikt de Egyptische mythologie van ICARUS om mij de ego constructie van de zon duidelijk te maken. Eerst snap ik de link niet. Dan vallen mijn ogen op vragen die in mij eerder heb gesteld: ‘Am I afraid of red? If so, why…?’

‘Rood verbindt me met dingen’, beweer ik. Zo overtuig ik mezelf van iets wat voor mij nog wazig is. Ik maak mijn ogen dicht en adem diep in. Mijn hoofd doet pijn. Wanneer ik mijn ogen weer open, noteer ik: rood is de kleur van de basis chakra, voor gronding met de aarde. ‘En die pot?’, vraag ik me nu ineens af. Het is doorzichtig, waardoor ik zie wat erin gebeurd en wat erin gebeurd ‘ziet’ wat buiten is. ‘Die doorzichtige pot is een leugen’, weet ik.  Hiermee leg ik een verband tussen de dode vogel in de glazen pot, die een vonk is voor nieuwe inzichten. Het is ook wat interactie tussen die vriend en ik tot stand brengt. Zo kom ik – besprenkeld door hem, door rood en door die dode vogel – tot het inzicht waarom rood mij fascineert. Deze kleur is het kruis waaraan ik mij vast nagel om te kruizen zodat creative energie me laat vliegen, zo hoog als ik zelf wil.